Jaarringen van Elvis: 1965

26 juli 2017

1965

Ver·won·de·ring (de; v) 1 verbazing

Robert was eenzaam maar niet alleen. Hij kon het zich ook niet veroorloven alleen te zijn, aangezien hij en zijn collega Arno Allan Penzias een noeste conclusie moest trekken. Ze konden er wel omheen blijven draaien, maar ze hadden toch echt alles uitgesloten. Dan nog zaten ze met een theorie die veel collega’s niet serieus namen. Ze gaven zelfs een moment duiven de schuld die hun antenne terroriseerden met stront.

Ze moesten alle signalen altijd eerst schonen van afval, zoals radiopiraten, atmosferische stoflagen en dus schijtende vogels, om tot de juiste uitkomst te komen. Ze keken elkaar aan en Robert zwoer dat hij Allan toch echt een kort moment hoorde giechelen. Zenuwen? Een wanhopige kreet van onvermogen? Staan we op het punt een waarheid weg te lachen? Van alles ging door Robert's rationeel ingestelde brein. Op de vraag van Allan alles nog eens rustig na te lopen, kregen ze allebei de slappe lach. Als ze met iets de laatste slapeloze dagen bezig waren geweest, was het wel alles uitsluiten.

Robert moest denken aan zijn studie aan de California Institute of Technology, waar hij drie jaar geleden afstudeerde. Hij vond het niet zo ingewikkeld theorieën te begrijpen of het gedrag van deeltjes te verklaren, maar bewijzen des te meer. Hij was op het laatst zelfs fysiek oververmoeid van fouten uitsluiten in theorieën die zelfs het bestaan van alles moesten verklaren.

De opdracht die Robert en Allan hadden gekregen van Bell Telephone Laboratories, een nieuw soort microgolfantenne ontwikkelen, was tot voor kort een heerlijk ontspannen tijdverdrijf. Gewoon knutselen, een beetje rommelen met radiosignalen en elektronica. Gewoon rechttoe rechtaan ambachtswerk zonder geneuzel over het hilarische gedrag van exotische deeltjes. Het leek volgens Robert soms wel op een filosofieklasje. En maar vragen en verbazen. Was Socrates natuurkundige geweest, dan hadden we nu nog met een vraagteken aan ons oor gezeten in plaats van een telefoon.

"Woodrow Wilson!", schreeuwde Allan naar Robert die dromerig voor zich uit keek. "Wat doen we? Gaan we het hardop zeggen?"

Het signaal, dacht Robert en giechelde kort.

"Durven we iets stelligs te beweren over iets dat miljarden jaren geleden gebeurd is, als je al van een gebeurtenis mag spreken?", vroeg Allan net zoveel aan zichzelf als aan Robert.

"Ja, laten we dat maar doen", zei Robert, enigszins geïrriteerd.

"Oké, het signaal komt overal vandaan", zei Allan.

"We hebben alle aardse bronnen uitgesloten", vulde Robert aan. :En laten we wel wezen, we hebben het hier alleen maar over het begin van alles, we moeten het ook niet groter maken."

Nu schaamden beiden mannen zich niet meer te grinniken als een paar verliefde meiden die foto’s uitwisselen van hun favoriete Beatle. Ze waren te nerveus om uitbundig te lachen. Toen ze abrupt tegelijkertijd stopten met hun nerveuze gegiechel, alsof ze hadden geoefend, keken ze elkaar aan.

"Zal ik het dan maar zeggen?", vroeg Robert.

Allan knikte flauwtjes maar grijnsde van oor tot oor.

"We hebben de oerknal gehoord."

"En doe nou niet of je een complete idioot tegenover je hebt", zei Allan.

Nou, ik denk niet dat je per se een domoor moet zijn om behoefte te hebben aan een kinderlijke uitleg, dacht Robert.

"Hm, oké, ik zal m’n best doen", zei Robert. "We hebben de kosmische achtergrondstraling ontdekt. Die straling is het gevolg van fotonen die miljarden jaren geleden vrijkwamen toen het heelal transparant werd en de eerste waterstofatomen werden gevormd."

Ze keken elkaar bedenkelijk aan en dachten waarschijnlijk aan het zelfde.

"Ja, het lijkt me absurd het aantal miljarden jaren te benoemen", zei Robert droogjes.

*******

Dertig jaar

Het jaar telde voor Elvis twee hoogtepunten: zijn ontmoetingen met God, ergens in de woestijn op weg naar Los Angeles voor de opnames van een nieuwe film, en met The Beatles in augustus in zijn eigen huis, eveneens in Los Angeles.

Elvis en zijn maten, bestaande uit jeugdvrienden, legermaatjes en zijn kapper en spiritueel begeleider Larry Geller, reden door de woestijn op weg naar Hollywood om te beginnen aan de opnames van Harum Scarum, een infantiele versie van een kruising tussen Duizend-en-een-nacht en alle andere kutmusicals die Elvis nog zou maken tot het eind van het decennium. Terwijl Elvis zelf achter het stuur van de bus zat, praatte hij met Larry over de teleurstellende resultaten tot zover van hun gezamenlijke religieuze studies.

Niet lang na het gesprek gaf Elvis een ruk aan het stuur en ging hij naar de kant. Hij rende de bus uit en stormde de woestijn in. Larry rende achter hem aan. Elvis wees naar een wolkenformatie recht boven hen en zei dat de wolken sprekend leken op de Russische dictator Josef Stalin. Samen bleven ze naar de wolken turen, terwijl de andere leden van het gezelschap op verstandige afstand bleven staan. Toen de wolken van vorm veranderden, raakte Elvis helemaal in extase.

"Het is God!", riep Elvis, terwijl de tranen over zijn gezicht kropen.

Hij knuffelde Larry en vervolgde: "Ik dank je uit de grond van mijn hart. Jij hebt me tot hier gekregen. Dat zal ik nooit vergeten. Ik zag het gezicht van Stalin en ik dacht bij mezelf: waarom Stalin? Is het een projectie van mijn innerlijkheid? Wil God mij proberen duidelijk te maken wat hij van me vindt? En toen veranderde het gezicht van Stalin meteen in dat van Jezus en hij lachte naar me. Ik voelde in elke vezel van mijn bestaan. Kun je je voorstellen wat de fans van mij zouden denken als ze me zo zagen?" Het antwoord had moeten zijn: "Van alles, maar in ieder geval positievere gedachten dan jou te moeten zien als acteur." Maar helaas, zijn vrienden waren teveel lakei voor dat soort reacties.

Op 27 augustus kwamen The Beatles op visite bij Elvis in Los Angeles. De vier jongens uit Liverpool arriveerden stoned van de marihuana. Waarschijnlijk waren ze nuchter niet in staat oog in oog te staan met hun grote idool. Elvis zat in de huiskamer, omringd door zijn vrienden en werknemers, en speelde wat met een basgitaar. De tv stond aan zonder geluid. Er werd niet veel gepraat en The Beatles leken meer onder de indruk van de afstandsbediening, toen nog een technisch snufje, dan van Elvis. Een paar jongens speelden pool met George Harrison en John Lennon en Paul McCartney gaf Elvis wat tips voor de basgitaar. Ook werd Priscilla nog even snel voorgesteld.

Op de jukebox draaide Charlie Rich’s Mohair Sam bijna de hele avond. De grootheden waren wat ongemakkelijk met elkaar en een conversatie kwam maar moeilijk op gang. John vroeg Elvis nog of hij bezig was met een nieuwe film. Elvis antwoordde sarcastisch dat hij een plattelandsjongen met een gitaar speelde die een paar meiden ontmoet onderweg en dan nog een paar liedjes zingt.

Het bleef ijzig stil, tot Elvis en zijn manager begonnen te lachen. Ze antwoordden dat de enige keer dat ze afweken van de formule, in Wild In The Country, ze geld verloren. Ondanks nog wel even een bescheiden jamsessie was het wat gezapig. Bij het afscheid vroeg John een van Elvis’ vrienden Elvis door te geven dat zonder Elvis zij niets waren geweest.

*******

Zoals in rimpels, niet alleen in water of zwaartekracht.

Of in afscheid en ontmoetingen, of herinneringen.

Och, wat was alles toch beter dertien miljard jaar geleden.

Toen tijd nog niets te zeggen had over melancholie.

Lees ook de eerdere afleveringen in de serie Jaarringen: Proloog, 1945, 1950, 1953.

Dennis van Tiel is uitgever van de onregelmatig verschijnende periodiek Almost in Elvis.