Nieuwe wegen voor Jenee Halstead

22 maart 2018

Nog een kleine twee maanden en dan kunnen we weer genieten van de boeiendste Amerikaanse singer-songwriters die ik ken: Jenee Halstead. Hoewel haar oeuvre in de tien jaar dat zij platen maakt vrij bescheiden is – met slechts twee albums The River Grace (2008) en Raised By Wolves (2012) en twee ep’s Hollow Bones (2010) en Edge Of The World (2015) – is de kwaliteit van haar zang en liedjes telkens onberispelijk en neemt ze de luisteraar met iedere release verder mee op haar muzikale ontdekkingstocht.

Waar de meeste singer-songwriters zelden nog iets voorschotelen wat heel erg afwijkt van waarmee ze bekend zijn geworden, graaft Jenee Halstead steeds dieper in wie ze is en wat ze wil vertellen en geeft daarbij een almaar complexer wordend beeld van de persoon achter de artiest. Het knappe is dat dit niet ten koste gaat van de toegankelijkheid van haar muziek, want ook al heeft ze de meer standaard folk singer-songwriterklanken van The River Grace en de meer rootsvariant van Hollow Bones (hier door CRS samen uitgebracht op de Europese versie van The River Grace), later verruild voor een moderner, meer gedurfde indiesinger-songwritergeluid van Raised By Wolves en Edge Of The World, zijn de liedjes daar niet minder aantrekkelijk van geworden. Sterker nog, waar haar experimenteerdrift op Raised By Wolves nog wat gewenning vroeg doordat haar telkens wisselende stemgebruik dimensies aan het singer-songwriteridioom toevoegde die we daarvoor nauwelijks kenden, toonde ze met name op Edge Of The World dat ze al deze uiteenlopende stijlfiguren op een uitermate boeiende, toegankelijke wijze kon samenbrengen op misschien wel haar beste release tot nu toe. Een plaat waarop al Halstead’s kwaliteiten ideaal over het voetlicht worden gebracht, is het jammer dat het ‘slechts’ een ep was, daar de aandacht voor zulke ‘halve’ platen, zeker in Europa, waar hij ook nooit officieel uitkwam, ver achterblijft ten opzichte van ‘echte’ albums.

Wat dat betreft is het te hopen dat haar nog te verschijnen nieuwe werkstuk, vooralsnog Disposable Love genaamd naar het prachtige, gelijknamige nummer dat ik al wel hoorde, wel een volwaardig album wordt. Net als het nummer Edge Of The World is ook Disposable Love een lied met een vrijere structuur dan het standaard couplet-refrein-brug-model, maar wordt daar niet zwakker van omdat Halstead’s prachtige melodie- en zanglijnen de aandacht volop blijven opeisen en de luisteraar moeiteloos hypnotiseren.

Het maakt deel uit van een behoorlijk ambitieus project van Halstead waarin technologie centraal staat en dan vooral hoe daarmee om te gaan en welke effecten dat heeft op ons leven. “Ik ben gewoon heel benieuwd of wij de baas kunnen blijven van de technologie of dat technologie ons gaat overheersen. Ik wil eigenlijk veel meer een interactieve kant op, waarbij muziek slechts een van de elementen is, maar ik ook mensen uit andere disciplines (dans, videokunst, belichting) gebruik om mijn boodschap over te brengen. Ik moet gewoon ergens beginnen en dan zien waar ik uit kom.

Ik wil echt proberen uit het standaard singer-songwriterstramien te breken en iets multidisciplinairs op te zetten. Ik ben hier heel gepassioneerd over, want het baart me al heel lang zorgen welke morele en ethische vragen het ontstaan van kunstmatige intelligentie met zich meebrengt. In zekere zin lijkt het ons te gaan ontmenselijken. Ik merk gewoon dat het ook mijn muziek verandert en de wijze waarop ik liedjes wil schrijven. Ik raak steeds verder af van het standaard songformat en zie mijn nieuwe nummers als onderdeel van een groter geheel, waarbij het meer toongedichten worden vergelijkbaar, met het soort nummers dat Joni Mitchell op albums als The Hissing Of Summer Lawns, Hejira en Don Juan’s Reckless Daughter maakte.’

Ik merk sowieso dat ik steeds meer geïnteresseerd ben in het vrouwelijke perspectief op muziek. Niet dat ik iets tegen mannelijke artiesten heb, maar met uitzondering van Jason Isbell, merk ik dat ik toch vooral word gegrepen door vrouwelijke artiesten als Laura Marling, Aldous Harding, Susanne Sundfør, Kimbra, Olivia Chaney (Offa Rex) en Hurray For The Riff Raff. De wijze waarop laatstgenoemde op The Navigator een complex verhaal met een overkoepelend thema neerzet, vind ik buitengewoon inspirerend en ligt ook mede aan de grondslag van het totaalproject dat Disposable Love moet worden. Dat, maar ook het werk van Chelsea Wolfe, die weliswaar veel meer een eigenzinnig soort heavy metal singer-songwriter is, maar in haar teksten belangrijke kwesties aansnijdt zoals de wijze waarop wij in het Westen teren op buitenlandse arbeid en met name kinderarbeid om onze moderne levensstijl mogelijk te maken. Het zijn stukken die direct van invloed zijn geweest op het technologieproject dat ik bezig ben van de grond te tillen.”

Wat we hiervan tijdens haar komende tournee zullen merken blijft de vraag, want voor een project dat nog in de kinderschoenen staat en waar nog heel veel aan zal moeten gebeuren, zeker multidisciplinair gezien, mogen we blij zijn wanneer we er straks in april en mei enigszins een muzikaal beeld van krijgen. Afgaand op die ene song, Disposable Love, is er alle reden om aan te nemen dat Jenee Halstead ook muzikaal aan een bijzonder nieuw hoofdstuk bezig is, waarin het uiterste van haar kwaliteiten gevraagd zal worden, als songwriter en als zangeres. Wat dat laatste betreft is het dan ook geen wonder dat ze het afgelopen jaar in Boston een grote naam heeft opgebouwd, waarbij ze veelgevraagd is om bij allerhande tributeconcerten de rol op zich te nemen van zulke uiteenlopende artiesten als Linda Ronstadt, Joni Mitchell, John Prine en Elvis Costello, terwijl ze ook als openingsact gefungeerd heeft voor zulke gevierde singer-songwriters als Loudon Wainwright III, Vance Gilbert en David Wilcox, waarbij de laatste er zelfs op stond dat ze zijn speciale fiberglas gitaar gebruikte voor haar set. 

Jenee Halstead live: 20 april in Acoustic Alley, Den Haag; 21 april in Dancing Mole, Lontzen (B); 24 april in Cafe Trianon/Ramble on Tuesday, Nijmegen; 25 april in Bistro Burchtplein, Roots in Heusden, Heusden; 26 april huisconcert JeeWeeDonkers, Ede; 28 april in The Stables, Boskoop; 29 april in Taverne De Waag, Haarlem; 4 mei in Podiumcafe Peter en Leni, Steendam; 11 mei in Orange Bleue, Brignais, Frankrijk; 14 mei in Meneer Frits, Eindhoven.