De Fellini Jazz van Ratko Zjaca

24 januari 2012

Ratko Zjaca is een jonge, vernieuwende muzikant, die in de wereld van de jazz inmiddels algemeen wordt erkend als een technisch hoogbegaafde gitarist. Een individualist met een groot improvisatietalent. Als studiomuzikant heeft Zjaca al op diverse jazzopnamen meegespeeld. Onder zijn eigen naam heeft hij inmiddels acht albums uitgebracht, waaraan een keur van toonaangevende Amerikaanse en Europese muzikanten heeft meegewerkt.

Ratko Zjaca is geboren in Kroatië en voelde zich in zijn jonge jaren aangetrokken tot het werk van zowel Jimi Hendrix als Bach en Beethoven. Hij studeerde aan de universiteit van Zagreb. Om zijn honger naar muzikale kennis te stillen kwam hij naar Nederland, waar hij studeerde aan het Conservatorium van Rotterdam. Daarnaast volgde hij masterclasses bij onder anderen Joe Pass, Pat Metheny en John Abercrombie. Inmiddels geeft Zjaca zelf masterclasses over de hele wereld op (fretloze) gitaar, in landen als Slovenië, Nederland, Frankrijk, Kroatië en de Verenigde Staten, waar hij ook zelf studeerde aan de New York University School of Music.

Ratko Zjaca zelf noemt zijn werk soms Fellini Jazz. Met zijn brede muzikale belangstelling en het rijke palet aan instrumenten dat hij bespeelt - elektrische gitaar, akoestische gitaar, guitar synthesizer, elektrische fretloze gitaar, elfsnarige akoestische fretloze gitaar, fretloze klassieke gitaar, twaalfsnarige gitaar, elektrische gitaarsitar, elektrische baritonegitaar, akoestische baritonegitaar, resophonische gitaar en sarod - voegt hij een meditterane sfeer toe aan de Amerikaanse jazz. Maar ook verwerkt hij invloeden uit klassieke muziek, Indiase muziek en muziek uit het verre Oosten. Zogeheten folklore imaginaire wordt moeiteloos gecombineerd met vrije expressievormen. Zodoende is Zjaca een muzikale bruggenbouwer die met grote gretigheid nieuwe muzikale wegen bewandelt.

De pas verschenen compilatie Now & Then: A Portrait biedt een mooi overzicht van Zjaca's ontwikkeling in de afgelopen tien jaar. De cd opent met Out of Body, afkomstig van het album A Day In Manhattan uit 2000. Het nummer begint rustig. Al Foster op drums, Reggie Workman op akoestische bas, Zjaca zelf op akoestische gitaar. Na anderhalve minuut horen we hem overstappen op de elektrische gitaar en krijgt het nummer een heerlijk stuwend ritme. De kristalheldere gitaarklanken voeren ons mee op een cd die tien nummers lang zal blijven boeien. Het tweede stuk is getiteld Why Are We Here. Een goede vraag. Om naar de muziek van Ratko Zjaca te luisteren, lijkt mij. Ook deze compositie stamt uit 2000 en laat ons onder meer genieten van een paar korte maar fraaie solo’s van Workman en Foster.

Nadat we hebben uitgevonden why we are here, kunnen we gaan luisteren naar The New Life uit 2008. Een relaxed ritme, ingezet door Steve Gadd op drums, Zjaca op elektrische gitaar en ondersteund door een fraaie basbartij van John Pattitucci. Na enkele maten valt Stan Mitrovic in op tenorsax. A new life indeed. Gevolgd door Welcome To Our Jungle, afkomstig van het album Crossing The Border uit 2007. Een jungle waarin we graag verdwalen, slingerend aan lianen ergens op de grens tussen twee Zuid-Amerikaanse landen. We volgen Zjaca’s geïnspireerde spel op elektrische gitaar en net als we denken dat we nooit meer uit die jungle geraken, komt alles toch nog op zijn pootjes terecht en doemt daar ineens lied nummer vijf op, Great Ocean Road. Heerlijk, even bijkomen van de jungle. Na de ‘dichtheid’ en het moderne jazzidioom van Welcome To Our Jungle verbazen Zjaca en Mitrovic ons op een heel andere manier, namelijk met een ballade-achtige, dromerige melodie die je van de jungle doet wegdromen naar de zee…

Na de natuur wordt het tijd voor wat kunst in Kandinsky Night, afkomstig van het album The Way We Talk uit 2010. Naast Zjaca op elektrische gitaar, aangevuld met diverse effecten, horen we voor het eerst op deze compilatie ook de Italiaanse accordeonist Simone Zanchini. Het kost geen moeite ons tijdens het luisteren naar dit nummer de expressieve kleurrijke verfstreken van de grote Russische schilder voor de geest te halen: rode bergen, blauwe bergstromen, gele vogels van divers pluimage in groene, vreemd kronkelende bomen. Expressief en lyrisch, dit nummer, met intrigerende klanken uit de trekkast van Zanchini.

Na de ode aan de Kandinsky - de hoes van Now & Then is trouwens geschilderd door kunstenares Sabina Bekavac - trakteert Zjaca zijn luisteraars op twee niet eerder uitgebrachte stukken: het elf minuten durende Then And Now uit 2009 en Katarina uit 2003. Het eerste nummer, met Bert Platteau op fluit en Ben Schröder op drums, is opgenomen tijdens het Nisville Jazz Festival. Een lyrisch, impressionistisch tableau wordt hier gecombineerd met complexe ritmische patronen. Het tweede livenummer, een duet van Zjaca op elfsnarige fretloze gitaar en Mitrovic op tenorsax en elektronica, is opgenomen in 2003 in Rotterdam. Het tweetal mengt in dit stuk minimalistische loops met vocale melodielijnen uit de Balkan door middel van multi-tracking.

Now & Then wordt afgesloten met A Friend For Life en The Gate. A Friend for Life begint rustig, met fraaie openingsakkoorden van Zjaca, ondersteund door Martin Gjakonovski op akoestische bas en Adam Nussbaum op drums, waarna Zanchini ons opnieuw laat genieten van zijn melancholische, de inmiddels bijna vergeten schrijver Simon Carmiggelt in herinnering roepende, accordeonklanken. Na een wat onstuimig tussenstuk voeren de brushes van Nussbaum ons rustig naar het laatste nummer, het vrolijk makende, melodieus uptempo uitgevoerde The Gate, voorzien van een latin-achtig arrangement. En als uitsmijter is ook hij daar dan eindelijk: Randy Brecker op trompet. Hopelijk leidt The Gate ons snel naar het volgende album van Ratko Zjaca.