Eric Bibb on tour

16 april 2014

Blueszanger Eric Bibb behoeft geen introductie. Niet in de blues/roots-scene althans, waarin hij al jaren ‘a household name’ is. De zestiger speelt over de hele wereld en maakt overal vrienden met zijn avontuurlijke benadering van de blues. In mei is weer in Nederland te zien.

Als introductie op de komst van deze sympathieke jong ogende bluesman, publiceren we een deel van het interview met hem dat Marcel Haerkens een paar jaar geleden voor Heaven maakte.

“Het enige katoen dat ik ooit heb geplukt is dat van mijn onderbroek”, liet bluesman Guy Davis zich jaren geleden tijdens een interview eens ontvallen. Geconfronteerd met  die uitspraak schiet Eric Bibb in de lach. Uiteraard weet hij waarop Davis doelt. Net als generatiegenoten en geestverwanten als Keb’ Mo’ en Corey Harris heeft ook Bibb net zo min als Davis ooit op een plantage moeten zwoegen, is hij geboren in een grote stad en afkomstig uit een redelijk welgestelde familie. Waarom dan toch zo’n sterke hang naar die oeroude countryblues? “Afgezien van het feit dat ik het gewoon mooie muziek vind, hebben we hier wel te maken met mijn culturele nalatenschap. Ik beschouw het als mijn levenstaak deze belangrijke erfenis in stand te houden.”

Eric Bibb manifesteert zich zeker het laatste anderhalve decennium als een fanatieke erfgenaam, wiens enthousiasme wordt geschraagd door een strenge werkethiek. Sinds zijn late doorbraak met Spirit And The Blues (1999) groeit zijn oeuvre, met Painting Signs (2001) en Diamond Days (2006) als hoogtepunten, in hoog tempo. Een nieuwe plaat is inmiddels alweer af en staat in oktober op uitkomen.

Gezegend met een soepele, lichthese voordracht en geraffineerd gedoseerd gitaarspel gunt Bibb ons een telkens opnieuw een verrassend kijkje in zijn rijke keuken. Deltablues en gospel vormen steevast het basisgerecht, maar in de hoofdschotel zijn naast folk, country, pop en jazz oosterse en Afrikaanse ingrediënten verwerkt. “Je zou het mijn persoonlijke, huisgemaakte gumbo kunnen noemen”, zegt de verbazingwekkend jeugdig ogende zestiger. “Stilistische beperkingen zijn me vreemd, al zul je de connectie met blues en gospel altijd in mijn muziek terughoren. Ik heb niet het beste van twee maar van legio werelden gecombineerd.”

Eric Bibb komt uit een kleurrijk muzikaal nest. Zijn oom John Lewis was de legendarische pianist en componist van The Modern Jazz Quartet; zanger, acteur en activist Paul Robeson was zijn peetvader. Verder gold huize Bibb in New York als een pleisterplaats voor tal van folkartiesten, onder wie de inmiddels verscheiden legendes Pete Seeger en Odetta. Als Eric elf jaar oud is komt de jonge Bob Dylan op bezoek, die hem naar verluidt wat goede raad voor zijn muzikale toekomst geeft. Grootste katalysator voor zijn artistieke loopbaan is echter vader Leon, een geschoold vocalist die optreedt in muziektheaters en gedurende de jaren zestig naam maakt in de New Yorkse folkscene.

Samen met zijn vader nam Eric tientallen jaren later A Family Affair (2002) en Praising Peace – Tribute To Paul Robeson (2006) op, albums waarvan hij niet onder stoelen of banken steekt dat hij er bijzonder trots op is. “Het heeft lang geduurd, maar ik ben maar wat blij dat het er uiteindelijk toch van gekomen is. Mijn vader is een fantastisch zanger en hij heeft me van jongs af aan gestimuleerd naast de voor de hand liggende dingen ook te luisteren naar bijvoorbeeld Afrikaanse en Zuid-Amerikaanse muziek.” 

Optreden op Broadway was de grote droom van vader Bibb. “Eeuwig zonde dat die wens nooit in vervulling is gegaan”, verzucht zijn zoon. “Waarom niet? Wat dacht je? Racisme, natuurlijk. Het was in die tijd gewoon ondenkbaar dat behalve Sammy Davis Jr. een zwarte Amerikaan daar als ster van de avond kon staan. Vandaar dat mijn vader zich op een gegeven moment meer is gaan toeleggen op folk en blues. Gelukkig is hij nooit verbitterd geraakt. Ik heb diverse inspirators, maar hij is zonder twijfel mijn grootste rolmodel.”

Eric Bibb Live: 28 mei in Roepaen, Ottersum; 29 mei in De Boerderij, Zoetermeer; 30 mei in People’s Place, Amsterdam; 31 mei op Blues in Grolloo, Grolloo.

Een uitgebreidere versie van het interview stond eerder in Heaven magazine 2009 #6