I.M. Leonard Cohen (1934-2016)

11 november 2016

Liefde en licht, twijfel en duisternis, lichte en donkere humor – ze bepalen de poëzie, geschreven en gezongen, van Leonard Cohen. Geloof van alle richtingen klinkt door in al zijn werk. Het bijbelse verhaal van Isaac duikt vroeg op in The Story Of Isaac van Songs From A Room, en aan het eind in You Want It Darker van het gelijknamige album, zijn laatste. “I’m ready, my Lord”, zingzegt hij in het datzelfde lied. Amper twee weken na verschijning overleed de Canadese zanger, poëet en schrijver op maandag 7 november. Hij was 82 jaar.

Dichter en schrijver was hij al vanaf zijn jeugd in een harmonieus joods gezin. De kunstraad van zijn vaderland Canada stuurde hem naar Londen om te schrijven. Daar kocht hij meteen een blauwe Burberry regenjas, de Famous Blue Raincoat. Het sombere Engelse weer deed de jonge Cohen geen goed. Hij verhuisde naar het Griekse eiland Hydra. Daar bloeide zijn productie op en daar ontmoette hij de Noorse Marianne, een van zijn eerste muzen. Hun relatie duurde bijna een decennium en deemsterde langzaam weg.

Cohen’s keus voor platen maken en optreden was min of meer gedwongen: schrijven en dichten leverde bitter weinig geld op, bleek uit de opbrengst van zijn gepubliceerde werk. John Hammond, ontdekker par excellence van bijvoorbeeld Bob Dylan, hoorde hem, liet hem een paar liedjes zingen en stelde vast: “Jij hebt het.” Cohen raakte daar maar langzaam van overtuigd. Hij had al wel een hit op zijn naam, Suzanne, gezongen door Judy Collins. Zij wilde ook met hem optreden, maar dat viel Cohen zeer zwaar. Hij heeft concerten ongemakkelijk gevonden tot na zijn zeventigste. Pas bij zijn rentree, vanaf 2005, bleek optreden zijn tweede natuur. Tussen 2008 en 2013 gaf hij bijna 400 concerten, waarvan een paar voor een publiek van honderdduizenden, zoals op de Engelse festivals Glastonbury en Wight.

Die terugkeer op het podium was noodzakelijk doordat zaakwaarnemer Kelley Linch zich zo’n vijf miljoen dollar had toegeëeigend van zijn pensioenrekening. Cohen had midden jaren negentig afscheid genomen van de muziek. Hij legde zich toe op het geloof – "mijn grootste hobby" – en trok zich terug in een boeddhistisch klooster. In een documentaire uit die periode zit hij de hele dag aan een keukentafel, hij kijkt uit het raam, drinkt wat, rookt wat en converseert wat. Een tevreden mens die filosofieën ontvouwt met die duistere prachtstem.

Hallelujah van Various Positions uit 1984 maakte een wereldster van Leonard Cohen. De vijf jaar die hij aan dat lied heeft gewerkt, bleken de moeite waard. Jeff Buckley voert de lijst van driehonderd artiesten aan die Hallelujah hebben gecoverd. Bij de concerten van Cohen zongen de tien- tot honderdduizenden fans de bedrieglijk eenvoudig lijkende ballade over seks en geloof mee.

Drie jaar geleden stopte Leonard Cohen opnieuw met touren. Hij bleef schrijven en platen opnemen, de geest bleef fit, het lichaam liet het langzaam afweten. Zijn laatste grote interview gaf hij aan The New Yorker. Hij filosofeerde tegenover David Remnick over zijn naderende dood. Na publicatie, op 17 oktober dit jaar, relativeerde hij dat voor zijn geschrokken fans. “Ik heb wat overdreven. Ik heb mezelf altijd gedramatiseerd. Ik ben van plan eeuwig te leven.”

De afgelopen zomer stuurde Leonard Cohen zijn Marianne een mailtje ten afscheid. Zij was ongeneeslijk ziek. De laatste zin: “Endless love, see you down the road.” Het is zover.

Leonard Norman Cohen: 21 september 1934 – 7 november 2016