Le Guess Who? Bill Callahan

2 november 2011

Zijn muziek klinkt melancholiek tot op het bot. Sinds hij in 1990 als Smog platen begon te maken, is Bill Callahan (45) uitgegroeid tot een ware cultheld.

Bill Callahan is in veel opzichten een opmerkelijk denker. Zijn liedteksten zijn de weerslag van een rijk geestesleven. Dat viel al op toen hij in 1990 debuteerde als Smog. Hij moest het toen ook vooral hebben van zijn teksten, want zijn eerste albums klonken behoorlijk lofi. Het geluid werd in de loop van zijn carrière rijker en interessanter, met als hoogtepunten Red Apple Falls (1997) en Knock Knock (1999), maar muzikaal vuurwerk hoefde je van Smog nog steeds niet te verwachten.

In 2007 gooide Callahan dat alter ego van zich af. Zijn eerste album onder eigen naam, Woke On A Whaleheart, klonk niet wezenlijk anders dan het oudere werk, al leek hij even een iets lichtere toets te hebben gevonden.

Het dit jaar verschenen album Apocalypse klinkt weer als vanouds. Het is in vijf dagen opgenomen, met vier muzikanten, nagenoeg zonder overdubs. “Eigenlijk op de manier zoals ik dat altijd doe. Ik ben geen man van al te veel poespas”, zegt Bill Callahan. “Mogelijk klinkt het album wat ruimtelijker dan voorheen, dat komt dan vooral door de inbreng van de muzikanten.”

De zeven liedjes van Apocalypse heeft hij in nauwelijks tien weken geschreven. “Heb ik meestal wel twee tot drie liedjes af als ik besluit een studio te reserveren voor een nieuw album, ditmaal ben ik vanaf scratch begonnen. Ik kwam amper buiten de deur en schreef dagelijks tien tot twaalf uur. Dat blijkt dus te kunnen. Vroeger had ik romantische ideeën over schrijven en wachten op inspiratie. Maar het is feitelijk gewoon werk. Als ik me ertoe zet, komen er liedjes.”

The real people went away is de welhaast als introductie uitgesproken eerste zin van het eerste nummer van Apocalypse. “Dat is de big bang van het album. Het waren de eerste woorden die door mijn hoofd speelden. De tweede zin, I’ll find a better word someday, is waar ik al die weken mee bezig ben geweest.”

 Tekstueel manoeuvreert Callahan subtiel tussen liefde en haat. Hij bezweert dat er geen politieke motieven in het spel waren. “Politiek is absurd. Het gaat om mijn relatie met mijn land. Als ik in Europa of Australië optreed, word ik voortdurend aangesproken op de politiek van Amerika. Mijn standaard antwoord is dat je me daar als individu niet verantwoordelijk voor kunt houden. Maar kan ik me zo blijven opstellen, was de vraag die ik me stelde toen ik aan Apocalypse begon. Hoe is de verhouding met mijn vaderland eigenlijk? Ik voel me inderdaad vaak beschaamd, maar zeker zo vaak ben ik trots op mijn land. Je kunt niet ontkennen dat Amerika veel goeds tot stand heeft gebracht.”

Dit is een deel van het interview dat in juli van dit jaar in Heaven is gepubliceerd.

 

Bill Calahan speelt vrijdag 25 november in Tivoli, Utrecht. Voor meer informatie, tickets en de timetable: www.leguesswho.nl.