Live: Sturgill Simpson en The Gaslight Anthem

28 augustus 2015

Wie van popconcerten houdt en niet van popfestivals moet gedurende de komkommermaanden flink op een houtje bijten, maar nu het duister alweer om kwart over negen is gevallen, hoef ik niet langer op mijn honger te zitten. Zo mag ik morgenavond naar de release party van Dear Island, het debuutalbum van Bewilder, de uit de as van GEM verrezen nieuwe band rond Maurits Westerik. De feestweek begon dinsdag in de Paradiso met Sturgill Simpson, die niet het minst tot zijn eigen verbazing de grote zaal van de Amsterdamse poptempel aardig had doen vollopen. Op het podium klonk de soundalike van Waylon Jennings zaliger vaak eerder als een rootsrocker dan een country outlaw, zij het zonder al te zeer af te wijken van zijn beide albums. Sterker nog dan op het treffend getitelde Metamodern Sounds In Country Music functioneerde gitarist Laur Joamets als het geheime wapen. Deze Estlander (!) kan slide spelen als ware zijn Telecaster een pedal steel en bezit bovendien de bluegrassachtige vingervlugheid van de Britse countryrocker Albert Lee. Verrassend genoeg bleek het statisch ogende vijftal voor een groep uit die muzikale hoek overigens stukken beter met dynamiek overweg te kunnen dan menige indierockband. De meerwaarde lag in de onnadrukkelijke bezieling van Simpson zelf, die zich als laatbloeier geregeld eventjes in de arm moet knijpen. Niet voor niets doopte hij zijn schier eindeloze tournee Living The Dream.

De volgende avond op naar TivoliVredenburg voor The Gaslight Anthem, al was het alleen maar omdat het nog net kon, want midden in hun lopende Europese tournee hadden de gewezen neo-punkers aangekondigd bij thuiskomst voor onbepaalde tijd op non-actief te gaan. Een donderslag bij heldere hemel, ware het niet dat er haast ongemerkt de klad in was gekomen na het hemelbestormende tweeluik The ’59 Sound en American Slang, dat zich onwillekeurig liet beluisteren als Bruce Springsteen met als begeleidingsgroep The Clash. Hoe goed de stemming er woensdag bij de pakweg tweeduizend fans in het Utrechtse muziekpaleis ook in mocht zitten, de godvruchtige Brian Fallon in een suf geruit hemd en zijn drie kameraden plus huurling leken al vanaf het begin naar het einde te snakken, zelfs al deden ze alsof ze er geen genoeg van konden krijgen. Heb je het allerfijnste beroep ter wereld en mag je daarbij in je handen knijpen met een droompubliek van 20– tot 40+, ga je je gedragen als een stelletje loonslaven door een zeldzaam plichtmatig optreden te geven. En het dan verder nog bestaan om in de Domstad een potje te gaan zwetsen over Mokum. Werkelijk godgeklaagd. Nee, dan de Alabama Shakes, die al sinds het begin van de lente touren om na een druk festivalseizoen straks in de herfst terug naar Europa te komen voor een extra rondje clubs. That’s the spirit!