Neil Young flikt het weer

7 augustus 2014

Neil Young's pas verschenen nieuwe album A Letter Home is opgenomen in een telefooncel met de hulp van Jack White. A Letter Home klinkt extreem krakkemikkig. Nog altijd blijft The Loner ons verbazen. Hoe vaak is hij al niet met iets nieuws of onverwachts op de proppen gekomen?

Afgelopen dinsdag zag ik hem aan het werk op de Lokerse Feesten met Crazy Horse. De vier albums die ze samen maakten – Everybody Knows This Is Nowhere (1969), Zuma (1975), Rust Never Sleeps (1979), Live Rust (1979)zijn volgens mij onmisbaar voor wie ook maar enigszins wil doordringen tot het hart en de ziel, de essentie dus, van het ondertussen zeer imposante oeuvre van Neil Young. Al zijn albums zijn trouwens op zijn minst goed tot zeer goed. Mr. Dinosaur Senior maakt namelijk nooit slechte platen, in tegenstelling tot wat snode journalisten soms durven beweren. Toegegeven, met een revolver tegen mijn hoofd zal ik met grote tegenzin toegeven dat Trans niet echt goed is – behalve dan Like An Inca, dat is fantastisch. En dan nog zou ik er toch bij vermelden dat tenminste het thema van deze plaat – zijn zoektocht naar betere communicatie met zijn gehandicapte zoon – op zijn minst respect verdient.

Rekening houdend met Young's obsessie om al zijn opnames van een zo perfect mogelijke klank te voorzien en pas uit te brengen op vinyl of cd wanneer hij er honderd procent tevreden over is, en ook zijn afkeer kennende van geluidsformaten als mp3, is A Letter Home op zijn minst bizar te noemen. Dat juist Young afkomt met een plaat opgenomen in een telefooncel, kan moeilijk als consequent aanzien worden.

Vermoedelijk zal dit album in de muziekpers dan ook eerder lauw worden ontvangen. Ik moet toegeven dat ik ook meer houd van een 'gewonere' klank, doch ik heb geprobeerd naar de nummers op zich te luisteren, en het povere geluid weg te denken. En dan krijgen we toch een ander verhaal. Na grondige beluistering vind ik A Letter Home een fijne plaat, mooi en soms zelfs ontroerend, met name de gesproken brieven aan zijn overleden moeder.

Young covert elf liedjes die hem nauw aan het hart liggen, en dat geldt ook voor mij en waarschijnlijk voor heel veel luisteraars. Want het is een uitgelezen verzameling van (bijna) allemaal klassiekers uit de rock- en folkmuziek: Changes (Phil Ochs), Girl From The North Country (Bob Dylan), Needle of Death (Bert Jansch), Early Morning Rain en If You Could Read My Mind (Gordon Lightfoot), Crazy en On The Road Again (Willie Nelson), Reason To Believe (Tim Hardin), Since I Met You Baby (Ivory Joe Hunter), My Hometown (Bruce Springsteen) en I Wonder If I Care as Much  (Everly Brothers)

Neil Young flikt het weer. Nog maar eens een uitstekende plaat die niemand had verwacht.