Postuum: Cesaria Evora

18 december 2011

In de zomer van 2009 verscheen RADIO MINDELO, een verzameling vroege opnamen van de Kaapverdiaanse diva Cesaria Evora. Een fraai verzorgde uitgave die ons nog eens wijst op het bijzondere verhaal van deze grote zangeres: op haar twintigste al een prachtige bloem, maar pas echt ontdekt toen ze al tegen de vijfig liep.

Het is warm, de laatste junidag van dit jaar. De nieuwe Rabozaal, ingenieus gebouwd tussen de Amsterdamse Stadsschouwburg en de Melkweg, is stijf uitverkocht. De sfeer is uitgelaten. Nog voordat de artiest van de avond een noot heeft gezongen, rolt er al een daverend applaus van de tribune en zijn er al mensen opgestaan van hun stoelen. Ondersteund door een medewerker schuifelt Cesaria Evora (67) op haar blote voeten over het podium naar haar plekje tussen de muzikanten. Ze zal de hele avond nauwelijks een woord tot het publiek richten, maar ze komt er als vanzelfsprekend mee weg. We aanschouwen een levende legende.

Doorbraak 

Haar status als artiest is vergelijkbaar met die van de oude Cubanen van de Buena Vista Social Club. Er zijn ook de nodige parallellen, waarschijnlijk niet helemaal toevallig. Muzikanten die op een dood spoor waren geraakt, maar toch nog grote successen vieren. Als in een sprookje, waarbij de gerechtigheid aan het langste eind trekt. De jaren negentig van de vorige eeuw zijn genereus geweest voor ‘vergeten’ wereld­artiesten als Ibrahim Ferrer, Compay Segundo en Cesaria Evora. Het beroemde Buena ­Vista-album dateert van 1997, Evora beleefde haar doorbraak een paar jaar eerder met het ­album Miss Perfumado. Maar haar artistieke hoogtepunt bereikte ze in 1999 met het schitterende album Café Atlantico, gevolgd door optredens in prestigieuze concertzalen over de hele wereld, zoals L’Olympia in Parijs en Het Concertgebouw in Amsterdam.

Café Atlantico is zo’n dun ­gezaaid genre-overschrijdend ­album, waarop ‘de dingen’ ­samenvallen. De stem en het gevoel van Evora zelf, de prachtige arrangementen van de ­Braziliaanse klanktovenaar Jacques Morelenbaum en, niet in de laatste plaats, de Cubaanse inslag, want een groot deel van de plaat is op dat eiland opgenomen.

De opnamen van Café Atlantico liepen grote vertraging op doordat Evora’s ontdekker – of moeten we zeggen herontdekker – producer en platenbaas José da Silva zich op Cuba  een kind in een snoepwinkel waande. Hij werd net zo gegrepen door de ‘vergeten’ muziek van Orquesta Aragon en Septeto Habanero, als toen hij de Kaapverdiaanse diva voor het eerst hoorde. Hij bracht diverse ­Cubaanse albums uit op zijn label, dat toch was opgericht om de Portugees-Afrikaanse muziek van Kaapverdië – in casu ­Evora – aan de man te brengen.

Erfgoed

Op Café Atlantico staan twee liedjes die Cesaria Evora naar verluidt in haar jeugd had gezongen maar nooit had opgenomen. Niets blijkt minder waar, getuige het recentelijk verschenen Radio Mindelo. “Het was het idee van José da Silva om die oude opnamen uit te brengen”, zegt de diva. “Maar ik vind ze prachtig. Ze brengen me zo veel herinneringen uit die tijd.” Die tijd zijn de vroege jaren zestig en de locatie is het plaatsje Mindelo op het Kaapverdiaanse eiland São Vicente. Cesaria ­Evora is er geboren en getogen.

De opnamen van Radio Mindelo zijn gemaakt door en voor het plaatselijke radiostation Barlavento. Evora weet nog dat ze er geld voor kreeg, en al was het niet veel, het was al heel wat dat ze überhaupt betaald kreeg.

Het oorspronkelijke idee van het radiostation was platen uit te brengen, maar dat kwam niet van de grond. Geluidstechnisch klinken de nu uitgebrachte nummers wat onbeholpen. Er was één microfoon en de mix bestond eruit dat de drummer wat verder van die microfoon af zat dan de zangeres en de gitarist.

Dansmuziek

Mindelo kende in de jaren zestig een levendige muziekscene. “Er waren veel muzikanten”, zegt Cesaria Evora. “Misschien niet zo veel als nu, want het was toen een stuk moeilijker je kost te verdienen.” Platencontracten werden destijds zelden of nooit afgesloten, vertelt ze. En als er al platen –  altijd singles of ep’s – werden gemaakt, was de ­distributie naar overzeese gebieden lastig. “Je verdiende niet aan platen. Je verdiende met optredens, meestal bij mensen thuis.” Ze zong ook wel in ­chique clubs en op boten die het eiland aandeden.

Evora trad vaak op met Ti Goy, het alias van gitarist, drummer en liedjesschrijver Gregório Gonçalves, met wie ze al op jonge leeftijd bevriend was geraakt. “Ik kan me niet anders herinneren dan dat we samen muziek maakten.” Ti Goy zag in Cesaria zijn muze. De zangeres die zijn opwekkende dansnummers – coladeira’s – kon vertolken. De amper twintigjarige Evora werd een locale grootheid.

De coladeira is als muziekvorm de tegenhanger van de morna. Die aan de fado verwante liedvorm van in muziek gestolde melancholie was – en is – op de Kaapverdische eilanden heel populair. De thema’s afscheid en verlangen passen helemaal bij een bevolking waarvan het overgrote deel door de armoede gedwongen haar heil elders heeft moeten zoeken. Evora is vooral met door haar vertolkte morna’s uitgegroeid tot een van de ­sterren van de wereldmuziek.

Terugbetaling

In 1975 stopte Cesaria Evora opeens met zingen. “Ik verdiende gewoon te weinig. Ik trad nog wel op bij mensen thuis, maar die blijven je ook niet eeuwig uitnodigen.” Ze zag geen toekomst meer in een bestaan als zangeres. Om verder te reiken zou ze haar geliefde eiland hebben moeten verlaten en dat wilde ze toen nog niet. In interviews liet ze zich later weleens ontvallen het te betreuren dat het succes zo lang op zich had laten wachten. Niet vanwege het geld of de roem – ze leeft nog altijd zeer bescheiden –,  maar vanwege de voldoening die ze put uit zingen en optreden.

Aan de andere kant: misschien is ze wel een betere zangeres geworden doordat ze zulke teleurstellende jaren heeft gekend. “Zo heb ik het nooit bekeken”, reageert Evora. “Ik ben wel een betere zangeres geworden, maar ik denk dat dat meer heeft te maken met ouder worden in het algemeen. Je krijgt gewoon meer levenservaring. Maar je zou wel kunnen zeggen dat ik erg veel geluk heb gehad, sinds ik het besluit nam weer te gaan zingen. Mogelijk was dat de terugbetaling van al die jaren dat ik met mijn ziel onder de arm heb gelopen.”

Handelsmerk

Na tien jaar van het toneel te zijn verdwenen, gaat Cesaria Evora in 1985 in op het verzoek van een Kaapverdiaanse vrouwenorganisatie om samen met drie andere Kaapverdiaanse zangeressen een album op te nemen. Ze moet ervoor naar Portugal. Voor het eerst verlaat ze haar eiland. En de rest is geschiedenis, zou hier nu kunnen staan, maar dat is dan weer net iets te kort door de bocht.

Het album van de vier – Mujer getiteld – was geen instant­succes, maar gaf  haar naam wel weer een klank. Het was de zanger Bana, ook afkomstig van Mindelo, die haar een jaar later kon overhalen nog een keer naar Lissabon te reizen voor een aantal optredens in een restaurant. Bij een van die optredens zat José da Silva, die haar wist te overtuigen naar Parijs te gaan om er op te treden voor de grote Kaapverdiaanse gemeenschap. De enthousiaste reacties aldaar leidden in 1988 tot haar debuutalbum La Diva Aux Pieds Nus op het voor haar opgerichte label Lusafrica.

De albumtitel verwijst naar haar handelsmerk: ze betreedt het podium altijd op blote voeten. In het boekwerkje bij Radio ­Mindelo verhaalt Evora van een optreden in de zeer chique club Grémio Recreativo Mindelo. Haar begeleiders hadden speciaal voor deze gelegenheid schoenen voor haar schoenen gekocht. Net voordat ze het podium op moest, schopte ze haar schoeisel toch weer uit. Na het optreden werd ze door een van de dames uit het publiek gecomplimenteerd met haar optreden. “En meid”, voegde deze dame haar toe, “als je je blootsvoets het meest op je gemak voelt, moet je vooral geen schoenen aantrekken.”

En de rest is geschiedenis.

Nu definitief.

Cesaria Evora: 27 augustus 1941 - 17 december 2011