Woodstock der Blasmusik

4 juli 2016

Woodstock der Blasmusik. Alleen die naam al zou een goede reden zijn er niet naar toe te gaan. Maar soms wint nieuwsgierigheid het van goede smaak. De festivalisering grijpt mondiaal wild om zich heen. Van een tomaat-gooi-festival in het Spaanse Buñol tot het Cheese Rolling Festival in het Engelse Gloucestershire. Festivals hebben de wind mee en waaieren letterlijk uit. Mardi Gras vindt ook buiten New Orleans plaats en het Oktoberfest is vanuit München evenwel aan een ware zegetocht in de Lage Landen begonnen. Sinds 2010 is de hippiegeest neergedaald als blaasmuziekfestival in het Oostenrijkse Ort im Innkreis onder de rook van Salzburg. Woodstock der Blasmusik trok afgelopen weekend ruim dertigduizend liefhebbers die zich vier dagen lang laafden aan blaasmuziek uit alle windstreken onder het genot van veel Spritzer (witte wijn met water), bier en worst.

Men hoeft zich niet te onderwerpen aan het welhaast klassieke festivalrepertoire van noodweer, modder en algehele liederlijkheid om te weten dat blaasmuziek de laatste jaren een ware renaissance doormaakt in de popmuziek. Vrijwel alle grote Europese festivals hadden recentelijk bands op hun affiche die grotendeels dreven op blazers. Natuurlijk spelen blazers al sinds jaar en dag een rol in de jazz, rhythm ’n’ blues, funk en soul. En uiteraard waren er altijd mensen als Toots Thielemans en Herb Albert of The Brecker Brothers en Wynton Marsalis die als instrumentalisten een repertoire opbouwden dat ook bij het poppubliek weerklank vond. De laatste jaren echter nemen bands als het Amerikaanse Hypnotic Brass Ensemble, het Duitse LaBrassBanda en het Nederlandse Jungle By Night de blazerssectie als vehikel voor een muzikale wereldreis. Om juist die ontwikkeling te ervaren, zou een bezoek aan Woodstock der Blasmusik inzicht geven. Op dus naar Ort im Innkreis.

De festivalweide is niet anders dan welk popfestival dan ook. Aan de ingang een reuzenrad en veel eethuisjes met een hoofdrol voor worst, knoedels en goulash. Opmerkelijk veel jonge bezoekers zijn in traditionele klederdracht getooid en er wordt gebuisd dat het een lieve lust is. Er bevindt zich een groot podium dat in twee helften verdeeld kan worden en een tweetal tenten waar ook groepen spelen, welgeteld 76 in totaal. Woodstock der Blasmusik groeit elk jaar. Als entertainment kan men een spijker in een boomstam hameren, proberen iemand in de waterbak te laten vallen door een bal te gooien tegen een bord, pijltjes schieten en de eeuwige Kop van Jut een hengst geven. Toegegeven, men verveelt zich geen seconde op deze kolkende weide van de Volkstümliche Kultur.

In Oostenrijk en Beieren is de blaasmuziek de laatste jaren alleen maar groter geworden. Een trotse manifestatie van de flexibiliteit van de eigen cultuur. En wel een cultuur die, anders dan de politieke realiteit doet vermoeden, openstaat voor vreemde invloeden. De programmering van het festival mag zich dan vooral laten lezen als een ode aan de traditionele muziekcultuur uit Beieren, Oostenrijk en Tsjechië, er zijn ook schijnbaar uit de toon vallende optredens van bijvoorbeeld klassieke bigbands, het opzwepende Balkan-icoon Goran Bregović en een eclectisch ensemble als het Amerikaanse Hazmat Modine. Oud en nieuw gaan samen. Woodstock der Blasmusik: de naam is erger dan het festival. Maar het hoeft beslist geen tweede keer.